dinsdag 25 november 2008

Funerailles

Bassap, een ontiegelijk klein dorp in het niets van Kameroen, met mooie zonsondergangen, gerimpelde mannetjes- en vrouwtjesdieren. Stilte voor de storm noemen ze dit ook, op vrijdag barst het mini gentsefeesten gedruis los. Wat bij ons allerheiligen is, is hier een waar dorpsfeest die maar ene keer om de zoveel jaar gehouden word en waar alle uitgeweken dorpslieden voor terugkeren. Het is er dan ook een drukte van je welste, allez in dorpstermen dan toch. Voor ons als toeschouwer was het leuk om dit allemaal mee te maken, iets volledig nieuws, iets heel erg traditioneel en iets heel erg emotioneel voor velen. We ontmoeten er allerlei mensen van dorpschiefs tot dorpsgekken, gun men, goeie dansers, veel heupgeswing en nog meer gegeet en gedrink en de beste badkamer ter wereld, de nkam rivier. Een mooi weekend samengevat in een notendop. Joseph was geweldig in al zijn drukte, Griet was geweldig in al haar rust en ik was gewoon wat aan het hangen.

cameroon diaz the sequel

Kribiiiiiiiiiii






Bosweg











Rhumsiki




Chutes d'Ekom

maandag 17 november 2008

Le nord, bakken en braden met smaak

Een lange, leuke treinrit en een korte minder leuke busrit (nu weten we weer waarom we die fiets toch zo leuk vinden) zitten we in een braadpan, Garoua. Het is er eentje zonder anti-aanbaklaag, en met korstjes. We worden verwelkomd door een slordige 39 graden en vinden dat toch wat warmpjes, onze kelen zijn droger dan droog, de lekkere thee en de warme mensen doen dit snel vergeten. Alhadjsidiki is wat ons betreft de prins van de moslimwereld. Een man met aanzien in zijn buurt, een man die de mensen in zijn omgeving sensibiliseert over de waarde van een mensenleven, een man die de boefjes in zijn buurt kent en tot orde roept op een oooooo zoooo charmante manier. Hij is de verpersoonlijking van charisma. Een mens met hersenen en hart op de meer dan juiste plaats. En wiens vrouw nog een keer goed kan koken en acht maand dik is. Dit vereningd met een magische motorit langs de oevers van een Nijlachtige rivier bekroond met een streel van aan een lief hippooke zorgt voor een thuisgevoel in deze stoffige doorrijstad.
Het landschap in het noorden is er eentje van droge savanne en veel stof. We rijden over lege rivierbeddingen, langs aarden huizen, en door mielvelden... Maroua is onze tweede noordelijke bestemming. Het is hier nog heter en droger dan in Garoua. De markt is hier megagigamooi en ook wel levendig. Fantastische kleuren worden in je gezicht gekegeld, voor ons moet dat niet meer zijn, erna nog even wat overtollig geld over de bank gooien en een theetje drinken.
Wat we dan nog niet weten weten we pas de volgende dag, na een busritje een gevecht rondom ons om brommertaxi te mogen zijn van dit toch wel godentweetal, rijden we achteropzittend door een landschap waarvoor mijn woorden tekort schieten. Ik zou zeggen jullie moeten het maar zelf gaan cheken het heet kapsiki en het is mooi. We komen aan in Rumsiki (berg van de man) en vinden daar een samenleving die is blijven steken ergens tussen de eerste sedentarisatie en de industriele revolutie. We leven enkele dagen in een filmsetting met als Dominique als gids, de onverbeterlijke Silvie als onze vaste kokkin en onze goedweervoorspeller de sorceur de crab. Het zijn beklijvende momenten onder een loden zon en in het stof van de opkomende harmattan. Ondertussen maken we kennis met de bil-bil een drankje die je best niet nuttigt voor het slapengaan wegens lichte nagisting in het buiksken. Betoverd gaan we na een paar dagjes nog ne keer goedendag zeggen aan Alhadjisidiki, om de volgende dag voor een gesloten treinstation te staan en onze toevlucht te nemen tot een veel te lange bushrit. Met stof tot in onze hersenen komen we hoestend en proestend, plakkend en stinkend aan bij het huis van de heks en vinden onze velookes terug. Joepi morgen terug den velo op naar Bassa. Donderdag komen we daar aan midden in feestgedruis en met een ongetwijfeld popelende en energieke Joseph als een van de kersjes op de nu al gigantische taart die Cameroun heet.

vrijdag 7 november 2008

Kribi la bella

Opgebeurd door het bord dat Kribi nog 33 km is en dat daar koud bier te verkrijgen is vervolgen we ons weggeke. Kribi, een dorp waar het goed leven is, te zien aan de huizen de zon, de zee, de lachende gezichtjes. De beau monde van cameroun strijkt hier neer wanneer ze maar kunnen. Dikke autos grote zonnebrillen en lillend wit vlees. Een grotere tegenstelling kun je in het arme afrika niet verwachten. Als je hier een huisje wil huren moet je maar naar frankrijk bellen... De prijzen in de hotels zijn er dan ook naar. Gelukkig voor ons is de lokale bevolking wel nog zwart en is het dorpscentrum ook nog afrikaans. Stoffige kraampjes, lekkere vis, niet te vreten baton de magnok, en heerlijk gefrituurde plantins. Het leven kan mooi zijn en zeker als daar nog een begeleidende zonsondergang mee gepaard gaat. Kribi heeft echter nog een natuurfenomeentje in petto, op een uurtje wandelen van ons hotelleke, waar Lucie de zon laat schijnen, liggen de chutes de Lobe. De Wouri rivier (ribera del camerones, vandaar de naam cameroon) valt hier letterlijk de oceaan binnen. Heel mooi allemaal, opgeluisterd door een paar opdringerige mannekes die ons crevettes willen aansmeren voor 10000 fcfa, waar we de dag ervoor nog voor 3000 gegeten hebben. Uiteindelijk wil hij ze ook wel voor 3000 geven maar onze goesting is al lang over, enkel het leuke gevoel van ze hebben ons nie liggen steekt even de kop op.
Kribi een leuke plaats, waar de boomstammekes vrolijk uit het regenwoud naar gigantische schepen worden gesleept, waar de tegenstelling tss blanke en zwarte veelverdieners en de gewone man in de straat groot is.
Kribi waar het strand mooi is.

la vie en vélo

Onze fietsen zijn onze vrijheid en onze blijheid in dit schoon land.
We vertrekken meestal op een ontzaglijk vroeg uur, zijnde tussen half zes en acht, jaja half zes, het is al enkele keren gebeurd! Zo zijn we voor de zon doorbreekt al even onderweg en zijn de uren die we in de middagzon moeten fietsen beperkt, want dan is het echt veel te warm! Tot nu toe hebben we vooral in een glooiend regenwoudgroen gebied gefietst, wat fantastisch mooi is, tussen de kwetterende vogelkens in felle kleuren en zwermen van vlinders... het is ook wel een beetje genieten zo op die fiets. Begin van de week hebben we een paar dagen op een slechte piste gereden en heeft Bart de tractorbanden die op zijn fiets liggen eens kunnen uittesten, door het woud, langs lieve pygmeedorpen waar iedereen ons bon courage, en bonne route en bonjour en oh ma fille ça va toeroept, hubbeldehup naar boven, naar beneden, over gladde klei, door kuitdiepe plassen, lastig lastig!! Het beste moment van de fietsdag blijft de aankomst op plaats van bestemming... om dan met een uitgekookt lijf onder een koude douche te staan, tot je eindelijk begint af te koelen en daarna koud bier, en dan een eetfestijn van geroosterde vis en gefrituurde plantaantjes en bonen en rijst en fruit, geweldig is dat!

Ondertussen zijn we in Yaounde beland, de hoofdstad, het is hier mooi en georganiseerd, heel anders dan Douala, waar het er toch ietsje ongeregelder aan toe gaat. Vanavond nemen we de trein au Nord, onze fietsen laten we even achter, de wegen in het Noorden zouden niet zo veilig zijn, het werd ons sterk afgeraden daar met de fiets rond te sjeezen, dus dat doen we dan ook niet! We zijn wel heeeeeeeeeel beniuewd naar dit deel van het land, het zou er gigantisch mooi en helemaal anders zijn dan het zuiden!